Bram Antheunis schept zijn eigen grafisch herbarium

Wie in het weekend ronddwaalt op de brocantemarkt van het Brusselse Vossenplein, heeft veel kans om kunstenaar Bram Antheunis tegen het lijf te lopen. Tussen antiek en rommel gaat hij op zoek naar artefacten uit een vroeger bestaan om ze te reconstrueren tot nieuwe, onbestaande herinneringen. TheArtCouch ging in dialoog met de kunstenaar, net voor de opening van zijn solotentoonstelling Cultivated bij de Antwerpse Galerie Solo.

Opzetten materiaal voor de reeks ‘succulent’ , 2019

Gerd Stevens is blij dat ze de deuren van haar galerie opnieuw mag openen. “Er zijn zoveel interessante kunstenaars om te exposeren en door de pandemie heb ik mijn planning voor de rest van het jaar moeten herzien.” Het is grappig haar te horen zeggen dat er hopelijk niet teveel volk tegelijk komt: “We mogen ongeveer twintig mensen tegelijk ontvangen. En … om eerlijk te zijn: dat is prima om te genieten van de nieuwe tentoonstelling.”
Ondertussen stoft kunstenaar Bram Antheunis cactussen af. Ze vormen een onderdeel van wat hij zelf omschrijft als zijn ‘grafisch herbarium’, een reminiscentarium waarin hij plakt, knipt, deconstrueert en assembleert. Oude foto’s, prenten en ander grafisch materiaal herschept hij tot nieuwe (en tegelijk onbestaande) herinneringen. Het beeld van de galerie als serre is voor hem dan ook perfect te verklaren. Beiden hebben tot doel om ervoor te zorgen dat gewassen (in casu kunst) in de beste omstandigheden worden gekweekt. Een serre doet dromen van een rijke oogst, nieuwe soorten, experimenteren en cultiveren.

Between the folds 01, 2020

Onder het genot van een glaasje witte wijn wordt de knop van de dictafoon ingedrukt. Twee uur later hebben we niet alleen een rijke oogst beelden, maar ook woorden.

Het valt me op dat de meeste van je werken unieke stukken zijn. Toch wel verrassend omdat collage vaak in meerdere exemplaren wordt gemaakt. Is de druk dan niet groter?
“Bijna al mijn werken zijn unieke exemplaren en bovendien maak ik meestal gebruik van uniek materiaal. Dit maakt het soms erg spannend om een bruikbaar beeld doormidden te knippen, aangezien je dit niet opnieuw kan uitgommen of herbeginnen: het moet onmiddellijk juist zijn. Er zijn enkele werken waar ik een heel beperkte printoplage van heb laten maken, omdat er vraag naar was. Maar dit is een erg kleine minderheid.”

Wat staat er in jouw woordenboek bij het woord kunst?
“Het woord ‘kunst’ beslaat voor mij een erg breed domein, en afhankelijk van het perspectief kan dit voor iedereen iets anders betekenen. Zelf wil ik uiteraard in de eerste plaats geraakt worden door een creatie. En dat kan op verschillende manier: qua sfeer, humor, esthetiek, concept, setting, … Maar om er echt het woord ‘kunst’ op te kleven heb ik nood aan een intentie van de kunstenaar. Zelfs als deze intentie niet uitgesproken wordt, wil ik kunnen voelen dat het pure esthetische, of de gimmick, overstegen wordt. Hierin onderscheidt kunst zich voor mij van ‘ambacht’, iets waarvan ik enorm kan genieten en heel veel respect voor heb. De combinatie van beide kan, maar hoeft er niet noodzakelijk te zijn om te kunnen spreken over kunst.”

Een mooie definitie. Heb je een ambachtelijke of artistieke opleiding genoten?
“Een artistieke opleiding heb ik helaas niet genoten, maar toch lijkt kunst op de één of andere manier altijd in mijn leven aanwezig te zijn geweest. Mijn opleiding en job situeren zich, als beleidsmedewerker bij het Agentschap Opgroeien, binnen de jeugdhulp en staan dus grotendeels los van mijn creatieve bezigheden. Dit heeft als groot voordeel dat mijn artistieke activiteiten helemaal vrij zijn : ik heb geen druk om te moeten leven van opdrachten of verkoop, waardoor ik helemaal vrij ben om mijn eigen zin te doen. De ommeslag naar het durven buiten komen met mijn creaties kwam er een tiental jaar geleden, toen ik merkte dat ik in mijn eigen omgeving verschillende erg goeie kunstenaars kende die elk op hun manier, net zoals ik toen, enkel op hun eigen kamertje actief waren, en geen forum vonden om hier iets mee te doen. Ik richtte toen ‘assemblage’ op, een samenwerking van een achttal kunstenaars, met de bedoeling elkaar te stimuleren, te inspireren, en uit te dagen om met werk naar buiten te komen.  De exposities die we hiermee organiseerden, legden een bepaalde druk om bewuster bezig te zijn met het zoeken naar een vormtaal waarin ik mijn concepten tot uiting wou laten komen.”

In het dagelijkse leven ben je dus voltijds aan de slag met jongeren. Een extra bron van inspiratie?
“Het werken binnen de Bijzondere Jeugdzorg brengt me in nauw contact met heel kansarme gezinnen, en jongeren die opgroeien in situaties die erg complex zijn. Het is niet zo dat ik deze verhalen gebruik in mijn eigen werk, maar ik probeer op andere manieren mee te zoeken naar initiatieven waarin ik hen op creatieve manier handvatten aanreik, waar ze eventueel zelf verder mee kunnen. In het verleden hebben we hiervoor al heel intense samenwerkingen gehad met fotograaf Bas Bogaerts die samen met enkele jongeren hun eigen favoriete plekjes ging opzoeken. Voor het project #kunstinafzondering brachten we collagekunstenaars en jongeren in gesloten voorzieningen met elkaar in contact om gedurende vier weken met elkaar te corresponderen.De resultaten werden en worden onder #kunstinafzondering met het brede publiek, via Facebook en Instagram gedeeld, maar het eigenlijke werk blijft analoog. Museum Dr. Guislain presenteert deze zomer een selectie van de werken die tijdens het project ontstaan zijn. Het bewijst dat cultuur zich ook door de muren van gesloten instellingen kan wringen en kan zorgen voor verbinding en contact.” 

The explosion, 2019

Ook al genoot je geen artistieke opleiding, toch ben je van verschillende markten thuis. De laatste tijd trek je vooral de collagekaart.
“Hoewel ik heel graag schilder en fotografeer, is collage bij uitstek de kunstvorm waarin ik mezelf kan uiten. Collages en assemblages bieden de mogelijkheid om fysiek aan de slag te gaan met het materiaal dat ik verzamel. Dit materiaal is niet alleen een inspiratiebron op zich, het wordt zelf ook deel van de creatie. Collages maken is voor mij bovendien een blijvende zoektocht naar beelden die matchen.  Hoewel het concept meestal op voorhand vast ligt, is dit niet het geval voor het resultaat. De zoektocht naar compositie, sfeer, verbinding in kleur en vorm zorgt er voor dat het beeld doorlopend varieert, tot het moment dat het klopt.”

Robert Motherwell noemde collage(kunst) de grootste innovatie van de twintigste eeuw. Kan je hem daarin bijtreden?
“Hoezeer ik mezelf ook verdiep in collagekunst in al zijn facetten, en kan genieten van de mogelijkheden die deze kunstvorm met zich meebrengt, hoe deze inspireert, en op erg laagdrempelige manier mogelijkheden schept voor het uiten van emoties, is een dergelijke boutade als het citaat van Robert Motherwell voor mezelf een brug te ver. Ik geniet van heel veel vormen van kunst, die elk op hun eigen manier enorm waardevol zijn, en waarin er blijvend vernieuwend gezocht wordt naar de invulling ervan. Het is niet collage die vernieuwend is, het is de drang van mensen, en meer specifiek van kunstenaars, om continu te zoeken naar manieren om zich uit te drukken. 
In mijn zoektocht naar gelijkgestemden bleek trouwens al heel snel dat er een groot, maar sterk versnipperd aanbod aan hedendaagse collagekunstenaars leefde in België (en daarbuiten). Samen met Brunhilde Borms richtte ik daarom COUPEE collage collective op, een platform om deze bloeiende scène beter op de kaart te zetten. Net hierdoor wordt nog duidelijker welke diversiteit en kwaliteit er mogelijk is met dit medium.”  

“Ce n’est pas la colle qui fait la collage” luidt de bekende quote van Max ErnstToch stel ik me voor dat lijm een belangrijk onderdeel van je werk vormt. Hoe komt je kunst tot stand?
“Het belangrijkste onderdeel van mijn artistiek traject schuilt in het verzamelen, de zoektocht naar inspiratie, het toevallig botsen op wat ik misschien ooit nodig denk te hebben. Mijn lievelingsplekken zijn daarom de plaatsen waar persoonlijke spullen van mensen die ik niet ken achtergelaten worden. Een zolderkamer die leeggemaakt moet worden. Een archief dat ontsloten wordt. Een oud magazijn dat de deuren sluit. Het is vaak op die momenten dat een bepaald item de kiem legt voor een nieuw werk. De uitwerking hiervan gebeurt grotendeels op een klein atelier dat ik bouwde in de schuur thuis. Een plek waarin ik tracht om de diversiteit aan materialen te catalogeren, om te eindigen met een overvolle tafel snippers die ik associatief aan elkaar link.”

Je bent op zoek naar alledaagse zaken die dreigen te verdwijnen. Waarom deze nood om te bewaren? En vind je het niet raar om in leven van andere binnen te ‘dringen’?
“Deze nood is een drang die ikzelf ook fascinerend vind. Maar het zorgt ervoor dat de materialen die ik verzamel onmiddellijk een bepaalde ‘waarde’ krijgen. Ze dragen op zich reeds een verhaal mee, ik vertrek nooit van een wit blad. Door niet op zoek te gaan naar de echte verhalen achter het materiaal dat ik gebruik, maar door het te verwerken tot nieuwe, onbestaande concepten, probeer ik bovendien om op respectvolle manier om te gaan met deze relieken. Neem nu deze krekelkooi die ik ergens op een brocantemarkt op de kop tikte. Gewoonlijk sluit men twee krekels op die vervolgens beginnen te ‘zingen’. Ik sloot er twee miniatuurmensjes op. Ze kijken naar elkaar, gefrusteerd dat ze elkaar niet kunnen aanraken. En toch. Wie goed kijkt, merkt dat de poortjes open zijn. Ze hoeven zich alleen om te draaien en de vrijheid lonkt. Zitten we niet allemaal teveel in patronen vastgeroest?”

the search, 2018

Het creëren ontstaat vanuit mijn fascinatie voor het mogelijks vergeten en voor de manier waarop we omgaan met tastbare artefacten van wat ooit belangrijke gebeurtenissen leken.” Deze stelling las ik op je blog. Ik denk dat ik ze nu beter begrijp.
“Herinneringen zijn inderdaad een heel fragiel gegeven: we herinneren ons niet alles, en wat we herinneren is vaak erg subjectief gekleurd, open voor eigen interpretatie. Eenzelfde gebeurtenis zal door verschillende mensen anders herinnerd worden. En wat zorgt ervoor dat sommige banale zaken herinnerd worden, terwijl andere cruciale belevenissen zonder enig spoor uit het geheugen verdwijnen? Ik werk het liefst met oude foto’s uit familiealbums die ik vind op rommelmarkten. Heel vaak bevatten ze het volledige leven van een persoon, of toch van de momenten waarop er in de loop van dit leven een camera was : de opgesmukte, feestelijke, mooie momenten. De reizen naar zee of de bergen. De geboorte van een kind, de trouwfoto’s. Stereotype, bijna onderling inwisselbare foto’s, en toch is dit wat overblijft als herinnering voor het nageslacht. Herinneringen die uiteindelijk als waardeloze parafernalia op rommelmarkten of bij het oud papier belanden. Door deze herinneringen te herinterpreteren en te gebruiken in nieuwe concepten, creëer ik nieuwe maar onbestaande herinneringen.”

Niet gemakkelijk voor mensen die je werk voor het eerst zien. Ze krijgen een kunstwerk voor ogen dat is samengesteld uit onbekende beelden. Geef je je werken titels mee om bezoekers een houvast aan te reiken?
“Absoluut. Hoewel er voor mezelf bij elk werk een conceptuele achtergrond is, hoeft de toeschouwer dit niet noodzakelijk te weten. Maar via de titel probeer ik minimaal een kleine hint te geven, een extra laag bovenop de collagelagen. Meestal geef ik het werk een naam in een andere taal, omdat ik het niet te letterlijk wil weergeven. ‘Mount Lilura’ bijvoorbeeld is de naam van een werkje waarin ik een fictieve berg toevoeg aan een oude foto. Lilura is Baskisch voor fata morgana, dus wanneer de toeschouwer zelf op zoek zou willen gaan naar een betekenis, dan zijn de titels vaak een eerste link.”

Mount Lilura, 2020

Heb je beginnersfouten gemaakt?
“Aangezien ik telkens opnieuw probeer nieuwe invalshoeken te gebruiken, beschouw ik mezelf als een blijvende beginner (lacht). Met als gevolg dat ik ook fouten blijf maken, om hier dan op in te pikken en op verder te bouwen. Maar waar ik vroeger vooral zocht naar een beeld dat klopte, probeer ik nu vooral te zoeken naar een verdieping van de achtergrond, het conceptuele. Op dit moment balanceert het resultaat vaak op een evenwicht tussen een beeld dat op zich kan bestaan, maar betekenis krijgt door het achterliggende concept. Ik sluit niet uit dat in de toekomst deze verhouding nog verder kan opschuiven richting het conceptuele.”

Welke kunstenaars bewonder je zelf?
“Het bewonderen van personen, zonder hen te kennen, vind ik iets bizar. Maar op het vlak van hun kunstwerken, is het heel moeilijk om hier geen eindeloos lijstje te starten van kunstenaars die me inspireren, dus ik probeer me te beperken tot jonge Belgische kunstenaars die me jaloers maken door wat ze doen. Toen ik het werk van Jasper Rigole voor het eerst zag, had ik het gevoel dat ik mijn boeken dicht kon doen, want hij deed wat ik wou bereiken, maar dan nog veel intenser. Hetzelfde gevoel krijg ik bij het oeuvre van Babs Decruyenaere.  Ik ben ook een grote fan van de fragiliteit en de tederheid in het werk van Jelle Van den Heede, dus ik prijs me gelukkig om regelmatig samen met haar te kunnen werken aan gezamenlijke projecten. Op het vlak van hedendaagse collagekunst steekt Jesse Willems er voor mij bovenuit. Maar ook het werk van Kevin Vanwonterghem, Jonas Vansteenkiste, Bruno V. Roels en vele anderen intrigeert me mateloos.”

Met zoveel inspiratiebronnen kan ik me voorstellen dat je ook heel veel tips en tricks meekrijgt. Dus om te eindigen: wat is de beste/slechtste tip die je ooit kreeg?
“Ik heb een aangeboren neiging om slechte zaken ofwel te vergeten, ofwel om te buigen naar iets positiefs, dus op dat vlak herinner ik me geen slechtste tips. Maar een hele goeie tip die ik kreeg van Bart Marius was om bepaalde ideeën te blijven exploreren, en je niet te beperken tot één uitgewerkt idee. De expo cultivated is een resultaat hiervan: de idee om te werken met de metafoor van een serre, en het op artistiek / artisanaal ontginnen van herinneringen is een vervolg op een eerste pril concept.”

Photomaton n°7, 2019

De solotentoonstelling Cultivated loopt nog tot 11 juli in Galerie Solo.
#kunstinafzondering, een samenwerking tussen het Gentse Museum Dr. Guislain en COUPEE collage collective vindt plaats tussen 20 juni en 30 augustus.

https://www.bramantheunis.be
https://www.galeriesolo.be
https://www.coupee.org/
https://www.museumdrguislain.be/

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s